WIJ ZIJN VERHUISD

Hartstikke fijn natuurlijk, de gratis service van web-log, en wij willen ze dan ook enorm bedanken voor het hosten van deze website het afgelopen half jaar.

Maar na een halfjaar loggen op een web-log wil je toch wel een wat anders. Dan wil je een eigen domein. En als ze van web-log ook nog eens reclame-banners op je site gaan plaatsen, dan weet je helemaal dat je tempo moet maken met dat eigen domein.

Dus, vol trots willen wij van het Niet-Lief-Collectief onze nieuwe website presenteren.

Wij komen hier niet meer terug.

Wij zijn voortaan hier: www.nietlief.com

Lieve groetjes,

Octavie, Kaat, Zezunja, Esther, Luna, Polle

13 July 2007
By on 13:08
Mijn stijl: de uitslag

Zes vrouwen, zes stukken, zes stijlen.
Jullie schrijfstijlen zijn helemaal niet zo verschillend schreef iemand in de reactiebox bij het openingslog. Ha, dacht ik; dat zullen we nog wel eens zien.

1. In log nummer 1 las u dit:

Ik schrijf snel, luchtig, badinerend, cynisch, humoristisch. In het dagelijkse leven heb ik altijd haast, heb ik geen rust in mijn kont en vlieg ik door de dag. In die modus schrijf ik doorgaans ook mijn stukken. Desondanks schenk ik buitensporig veel aandacht aan het woord. Als ik achter de computer kruip, bestaat er nog geen verhaal, er bestaan enkel woorden. Woorden die onverwacht zorgvuldig afgewogen worden om de juiste sfeer te scheppen. Want al lijken mijn logjes een waterval van bruut zinnengeweld, de sfeer die ik voornamelijk door adjectieven oproep, is zeer bewust neergezet.
U stemde 6x Bl-oxx, 2x Zezunja en 1x blanco. Bijna unaniem goed gezien: het was Bl-oxx.

2. In log nummer 2 las u het volgende:

Als ik een ding niet doe, is het nadenken over mijn schrijfstijl. Ik denk sowieso niet erg lang na over de logjes die ik plaats. Onderwerpen dienen zich op verschillende tijdstippen aan; bijvoorbeeld als ik in bed lig, wanneer ik op de trein sta te wachten of gewoon maar door het park heen wandel.
Een log schrijf ik in een kwartier en na een laatste vlugge check publiceer ik mijn stukje online.

U stemde 3x Esther. Jammer. Het was Kaat.

3. In log nummer 3 stond de volgende typering:

Als lezer zijn de belangrijkste ingredixebnten van mijn leesmaaltijd authenticiteit en originaliteit. Ik bestel bij voorkeur een verrassingsmenu met onverwachte verhaalwendingen, zodat ik niet al weet wat het dessert is wanneer ik nog maar net de eerste hap van het voorgerecht heb genomen. Graag geniet ik van intelligent bereide maaltijdgangen en houd ik er niet van als alles voorgekauwd is. Het geschrevene moet iets aan mijn invullings- of verbeeldingsvermogen overlaten. Lang natafelen vind ik leuk, ik vind het lekker als ik iets mee kan nemen uit de tekst dat uitnodigt tot nadenken. Tot slot is een zorgvuldig en uitgebreid opgebouwd sfeerbeeld bepalend voor mijn uiteindelijke waardering.
Een eensgezind kiezerspubliek met 6x een stem voor Polle. En u had massaal gelijk: Polle it was.

4. In log nummer 4 las u dit:

Zodra ik erover na moet denken, lukt het niet. Dat kenmerkt mijn schrijfstijl. Dagenlang liep ik te worstelen met de vraag van Bl-oxx, tot ik besefte dat ik die vraag moet beantwoorden zoals ik altijd schrijf: gaan zitten en zien wat eruit komt. Waarvan akte.
U stemde divers. 2x Kaat, 1x Esther, 1x blanco. Het was Esther.

5. In log nummer 5 las u dit:

En wxe1t ik ook lees: poxebzie van langvervlogen dichters, sms’jes van talige mensen of een mooi geconstrueerd verhaal in de krant: ik neem het met me mee, ik vergruis het in mijn adaptatiesysteem en vervolgens weef ik het zo naadloos mogelijk in mijn ratjetoe van taalgebruik en woordenschat.
2 votes voor Zezunja, 2x juist.

6. Als laatste, log 6:

Ik schrijf openhartig. Eerlijk. Ik doe niet aan wollig taalgebruik. Ik doe niet aan metaforen. Ik doe niet aan ellenlange omschrijvingen van een persoon. Of een ruimte of omgeving. Mijn schrijfstijl is snel en enthousiast. Wat niet wil zeggen dat ik soms niet uren en uren met een column bezig ben. Ik wil een goede beginzin, een goed middenstuk, en een goede slotzin. Ik ben een ontzettende perfectionistische schrijver.
3 stemmen voor Luna, 1 voor Kaat. De meerderheid regeert: het was inderdaad Luna.

Ik sta mezelf toe een voorzichtige conclusie op basis van dit verre van wetenschappelijk onderzoek te trekken. Er zijn wel degelijk zes verschillende schrijfstijllen, waarbij Esther en Kaat nog het meest op elkaar lijken qua visie en taalgebruik. Die werden als enige twee echt door meerdere lezers door elkaar gehaald. Polle springt eruit qua unanimiteit, zij werd zonder uitzondering raak gekozen door relatief veel lezers. Zezunja in principe ook, maar zij werd al 2x bij Bl-oxx genoemd, zij het door andere lezers. Voor al het overige mag u zelf thuis lekker verder denken over schrijfstijl, visies en of u het goed of fout had geraden.

10 July 2007
By on 17:02
Mijn Stijl (6)

Mijn schrijfstijl
Mensen die eerst mijn website lezen en me daarna voor het eerst ontmoeten zullen zeggen: x93Je praat precies zoals je schrijft.x94 Mensen die mij al langer kennen en daarna mijn website lezen zullen zeggen: x93Je schrijft precies zoals je praat.x94 Ik weet dat met mij duizenden andere webloggers dit over hun x91schrijfstijlx92 zullen zeggen. Wat het merendeel van die duizenden bedoelen is: x91Ik schrijf gewoon precies zoals ik ook iets zou vertellen aan een vriendin.x92 En ja, dan krijg je dus teksten vol met spelfouten, stijlfouten, een gebrek aan leestekens, of juist een teveel daaraan, teksten die nergens over gaan en vooral teksten die dus helemaal niet leesbaar zijn. Prima, dat soort teksten, lekker schrijven, lekker op het wereldwijde web publiceren, lekker aan al je vriendjes en vriendinnetjes en familie vertellen dat je een weblog hebt, als ik die teksten maar niet hoef te lezen.
Want ja, iedereen kan schrijven. Allemaal geleerd in de eerste klas basisschool. Je bedenkt wat en je schrijft het op. Maar je hebt schrijven. En schrijven. En ik vind dat ik kan schrijven. Ik vind zelfs dat ik beter kan schrijven dan dat ik kan praten. Dat komt vooral door het feit dat ik over een tekst nadenk. Als ik praat ben ik een flapuit. Al kan dat ook wel over mijn schrijfstijl gezegd worden: x93Het lijkt alsof ze het er allemaal uitflapt.x94
Ik schrijf openhartig. Eerlijk. Ik doe niet aan wollig taalgebruik. Ik doe niet aan metaforen. Ik doe niet aan ellenlange omschrijvingen van een persoon. Of een ruimte of omgeving. Mijn schrijfstijl is snel en enthousiast. Wat niet wil zeggen dat ik soms niet uren en uren met een column bezig ben. Ik wil een goede beginzin, een goed middenstuk, en een goede slotzin. Ik ben een ontzettende perfectionistische schrijver.
Bij mij draait schrijven dus om leesbaarheid. Ik schrijf om gelezen te worden. Mijn teksten op internet zijn nooit meer dan 400 woorden. Hap. Snap. Ik wil dat een lezer komt. En snel weer kan gaan. Ik wil dat iemand mijn column leest, daar iets van vindt, of niet, en daarna gewoon weer verder gaat met de dagelijkse dingen. En ik vind het fijn dat mijn columns voor sommigen een onderdeel zijn van die dagelijkse dingen.

Mijn fijnste plek op deze wereld
Waarom een stukje schrijven over de mooiste plek van deze wereld als je het ook in 1 woord kan?

Thuis.

Wie ben ik?

9 July 2007
By on 09:46
Mijn stijl (5)

1. Mijn visie op schrijfstijl.

In mijn teen-age-ik-ben-zo-verschrikkelijk-op-zoek-naar-mezelf-jaren en de jaren die daarop volgden, heb ik het me vaak afgevraagd: hoe leer ik mooi praten? Ik groeide op met een neerlandicus als vader, met veel boeken, veel taal, veel schrijven. Maar meer dan een keurig en braaf vocabulaire had ik daar niet aan overgehouden. Ik viel niet op als ik mijn mond open deed of een stukje schreef.

In de jaren daarna kwam ik erachter dat het een kwestie was van leren door te kopixebren – tot die tijd dacht ik dat je alles zelf moest bedenken en daar was ik veel te onzeker voor. Door me zoveel mogelijk te omringen met mensen die mooi konden denken, mooi konden spreken en mooi konden schrijven, leerde ik zelf ook af en toe verrassend uit de hoek te komen. Ik leerde dat schrijven hardop denken was – met een doel. En als je mooi kunt denken, kun je ook mooi schrijven. Kortom: ik zette de sluizen open. Mooi denken was het doel.

Dankzij mijn vrienden, boeken, media en internet raakt mijn reservoir aan stijlvolle zegswijzen, originele gedachten en mooie woorden langzaamaan steeds voller. Met dank aan mezelf is mijn wil om mijn eigen malletje uit de inhoud van dat reservoir te stansen met de dag intenser. Met dank aan die wonderlijke vergaarbak ben ik nu een half-gestanste schrijver die soms mooi kan denken.

Tussen die grijze garnaal die ik toen was en de schrijver nu ligt meer durf en doelbewustzijn, maar ik ben nog steeds een schrijver op zoek naar stijl en briljante ideexebn. Mijn stijl is in ontwikkeling. Een stijl die evolueert, doordat ik andere mensen lees, spreek, zie, en hoor. Een stijl die alle geleende woorden en gedachten die ik de afgelopen jaren heb verzameld in inkt of enen en nullen omzet – aaneen gebreid door mijn eigen soms chaotische en dan weer uiterst precieze hersenpan.

En wxe1t ik ook lees: poxebzie van langvervlogen dichters, sms’jes van talige mensen of een mooi geconstrueerd verhaal in de krant: ik neem het met me mee, ik vergruis het in mijn adaptatiesysteem en vervolgens weef ik het zo naadloos mogelijk in mijn ratjetoe van taalgebruik en woordenschat.

Wees dus op uw hoede als u zich woordelijk tegen mij uitdrukt: ik heb het op uw stijl gemunt.

2. De fijnste plek op de wereld.

Het fijnste plekje op de wereld is daar waar het tintelt.
Waar mijn tong tintelt van zachte geitenkaas en wijn, of waar ik mijn ogen bijeen moet knijpen wegens zon en wind. Daar waar de taal in je oren klatert. Muziek. Vertier. Daar waar je op blote voeten kunt lopen, en waar snorharen en vingertoppen de dienst uitmaken. Daar waar zijn handen komen – en waar mijn handen gaan. Het moment dat mijn dromen de werkelijkheid kietelen. Tot het tintelt.
Daar is het.

Nou? Wie ben ik?

7 July 2007
By on 13:58
Mijn stijl (4)

Mijn visie op schrijfstijl

Zodra ik erover na moet denken, lukt het niet. Dat kenmerkt mijn schrijfstijl. Dagenlang liep ik te worstelen met de vraag van Bl-oxx, tot ik besefte dat ik die vraag moet beantwoorden zoals ik altijd schrijf: gaan zitten en zien wat eruit komt. Waarvan akte.

Natuurlijk ben ik soms dagenlang bezig een bepaald onderwerp op te schrijven- maar dan in mijn hoofd. Op het moment dat ik ermee klaar ben, kan ik gaan zitten en komt het hele verhaal er in xe9xe9n keer uit. Soms hoeft het broeden niet eens en typen mijn handen de tekst zonder dat ik zelf weet wat het gaat worden. Ik beschouw het als iets waar ik mee geboren ben- de drang om te lezen en te schrijven. Ik leerde mezelf lezen toen ik vier was, samen met mijn moeder, en schreef verhalen zodra ik geleerd had een pen vast te houden. Stapels schriften hebben mijn ouders op zolder, vol met de werelden die ik verzon. Het is een mateloze passie om alles in woorden te vangen en het zo op te schrijven dat anderen er ook van kunnen genieten. Het schrijven zelf, liefst met een vulpen, vond ik al heerlijk, bij voorkeur in een Moleskine boekje. Zoals de xe9xe9n geniet van een goede sigaar of een oude wijn, zo doe ik dat van het hele schrijfproces. Nu ik met een computer werk treur ik weleens om de vulpen, en soms krabbel ik wat in een schrift opdat ik niet vergeet hoe het is om een pen te hanteren.

Door de jaren heen heb ik natuurlijk wel dingen bijgeleerd. Op een cursus proza schrijven heb ik me het schrappen eigengemaakt- ‘schrijven is schrappen,’ zei de cursusleider, en gelijk had hij. Ik heb van nature de neiging om op schrift breedsprakig te zijn, en deze tip kwam mijn schrijfstijl zeer ten goede. Ook leerde ik de kunst van het suggereren. Niet alles hoeft feitelijk omschreven te worden, de suggestie is soms al mooi genoeg. En zo heb ik dan uiteindelijk iets ontwikkeld wat mijn eigen stijl is, met een beetje van mezelf en een beetje van de buitenwereld.

De fijnste plek op de wereld

Een geografische favoriete plek heb ik meervoudig. De verlaten stranden van zuid-Ierland, het meertje vlak bij het dorp Roscrea, de rug van een paard op een strand in Bretagne, de armen van mijn geliefde, het zijn allemaal plaatsen waar ik graag vertoef. De kosmische plek waar ik het liefste ben is de plek die me rust geeft. Een plek waar niets misgaat, waar iedereen me begrijpt, waar niets hoeft en waar ik kan schrijven tot in het oneindige zonder dat er aan mijn hoofd gezeurd wordt. Mijn favoriete plek is dus eigenlijk een verlangen. Aangezien het leven zouteloos is zonder hunkering en verlangen, hoop ik dat het nog lang duurt voordat dit verlangen wordt ingelost. Ondertussen leef ik het leven en daarin is het vooral de liefde die me in het hier en nu houdt. En in liefde wil ik altijd wonen.

En wie ben ik dan?

5 July 2007
By on 12:29
Mijn stijl (3)

1. Mijn visie op schrijfstijl

Mijn schrijfstijl. Dat klinkt nogal pretentieus. De combi schrijven en pretenties hebben vind ik eng. De grens tussen het hebben van een eigen stijl en het toepassen van een aangeleerd trucje laat zich makkelijk overschrijden, en is daarmee een gevaarlijke en dunne scheidslijn.

Ooit beschreef een van de andere Nietliefjes mijn stijl als uniek en omfloerst. Ik weet eigenlijk nog steeds niet wat ze daar precies mee bedoelt, maar ben gelukkig met de klank van het woord omfloerst. Dat is meteen een van de kenmerken waaraan de woorden die mijn zinnen bouwen moeten voldoen: ze moeten het ritme en de klank dragen die passen bij het gevoel dat ik wil verwoorden en verbeelden. Eigenlijk is dat het eeuwige onderwerp van mijn schrijven: gevoel.

Grote sterke emoties verbeeld ik bij voorkeur door metaforen te gebruiken. Metaforen die plotsklaps mijn hoofd in ploppen. Het plopmoment is de aanleiding om een log te schrijven. Overigens denk ik al heel lang in metaforen. Ik herinner me een verhaal in mijn 12-jarige meisjesdagboek waarin ik schreef dat ik me als buigend riet in de storm voelde. Daaruit blijkt dat ik het drama niet schuwde, en nog steeds niet schuw.

In het dagelijks leven ben ik vrolijker, nuchterder en minder gecompliceerd dan u op basis van het lezen van mijn stukken zult verwachten. Daarnaast is mijn schrijvende ik veel exhibitionistischer dan mijn pratende ik.

Als lezer zijn de belangrijkste ingredixebnten van mijn leesmaaltijd authenticiteit en originaliteit. Ik bestel bij voorkeur een verrassingsmenu met onverwachte verhaalwendingen, zodat ik niet al weet wat het dessert is wanneer ik nog maar net de eerste hap van het voorgerecht heb genomen. Graag geniet ik van intelligent bereide maaltijdgangen en houd ik er niet van als alles voorgekauwd is. Het geschrevene moet iets aan mijn invullings- of verbeeldingsvermogen overlaten. Lang natafelen vind ik leuk, ik vind het lekker als ik iets mee kan nemen uit de tekst dat uitnodigt tot nadenken. Tot slot is een zorgvuldig en uitgebreid opgebouwd sfeerbeeld bepalend voor mijn uiteindelijke waardering.

2. De fijnste plek op de wereld

In mijn hoofd dringen het podium van Paradiso om te staan, Coral Beach op Skye om te lopen, zijn armen om in te liggen, het Franse privxe9zwembad bij nacht om in te drijven en het bos in Sarlat van de man met de getatoexeberde vlinder op zijn gezicht om alle andere dingen in te doen, om een eerste plaats in de fijnste plekjes op de wereld top 10.

In mijn hoofd bewaar ik alle fijne plekken van de wereld. Waar ik ook ben, met mijn blik op oneindig ben ik in een zucht daar waar ik zijn wil.

In mijn hoofd, dat is de allerfijnste plek op de wereld.

Roept u maar: wie ben ik?

4 July 2007
By on 14:17
Mijn Stijl (2)

1. Mijn visie op schrijfstijl

Als ik een ding niet doe, is het nadenken over mijn schrijfstijl. Ik denk sowieso niet erg lang na over de logjes die ik plaats.

Onderwerpen dienen zich op verschillende tijdstippen aan; bijvoorbeeld als ik in bed lig, wanneer ik op de trein sta te wachten of gewoon maar door het park heen wandel.

Een log schrijf ik in een kwartier en na een laatste vlugge check publiceer ik mijn stukje online.

Ooit ben ik door een collectiefgenoot met een locomotief vergeleken, omdat ik langzaam schijn te beginnen maar als ik op gang ben, als een trein lees. Dat vond ik wel passend.

Ik schrijf hoe ik ben en over wie ik ben. In een hokje kan ik mezelf niet plaatsen, want ik denk simpelweg niet over stijl na.

De schrijfstijl van andere schrijvers analyseer ik ook niet echt. Sommige stijlen spreken me aan, andere niet. Ik houd van de meest uiteenlopende auteurs, die de meest uiteenlopende onderwerpen behandelen.

Waar ik niet van hou zijn schrijvers die een schrijfstijl van een ander kopixebren, iets wat in logland veelvuldig voorkomt.

Ook vind ik het irritant als mensen te ingewikkeld schrijven en vooral als er vanaf druipt dat er ontzettend lang over nagedacht is. Dat er zo lang over een zin nagedacht is, dat de zin in kwestie nergens meer op slaat.

2. Mijn fijnste plekje op deze wereld

Mijn fijnste plekje op deze wereld is een tafel. Het maakt niet uit waar de tafel staat maar wie er aan zitten.

Mijn fijnste plekje op deze wereld is een tafel waar goede vrienden en/of familie aan zitten. We eten heerlijk, drinken wijn en voeren gesprekken. We luisteren aandachtig naar wat een ander te vertellen heeft en lachen veel. Soms rennen er kinderen rond te tafel. Soms ook niet.

Mijn fijnste plekje op deze wereld is een tafel. Het zou fijn zijn als de tafel in een warm land op een mooi terras staat met uitzicht op de zee en druivenranken langs het houtwerk aan de rand van het terras. Maar dat hoeft niet. De tafel mag ook in Tjietjerkstradeel staan in een rijtjeshuiskeuken met rode bakstenen muren en uitzicht op een bouwkeet. Het gaat om het gezelschap.

Mijn fijnste plekje op deze wereld is een tafel. Een tafel waaraan enorm veel gelachen wordt en de gesprekken nooit lijken op te houden.

Een tafel vol vriendschap en liefde.

Ra ra ra: Wie ben ik?

3 July 2007
By on 15:12
Mijn stijl (I)

1. Mijn visie op schrijfstijl
Vroeger hield ik nogal van taaie boeken. Langslepende drama’s uit het begin van de twintigste eeuw. Van Eeden of Emants, ach, u kent ze vast wel. Daarna was ik gek op Russisch. Russische schrijvers van rond de jaren twintig schreven een beetje klungelig, onhandig, onbeholpen, wat de boeken een beetje een poxebtische, dromerige sfeer gaf. De Kreutzersonate van Tolstoj bijvoorbeeld. Prachtig.
Maar dat was dus vroeger. Emants en Tolstoj staan te verschimmelen in mijn kast. Op de weg terug uit de Oude Literatuur heb ik heb de eerste afslag genomen; de highway naar Logland. Vlot, snel en ultralight werken verslavend. Mooie klanken, vinnige verhalen, humor en absurdisme in een kort en bondig jasje hebben mijn voorkeur. Ik hou van groteske personages en karikaturale, kleurrijke schrijvers achter de belevenissen. Ik hou van Bam. Zinnen als geweerschoten. Helder, duidelijk en precies zeggen wat je bedoelt. Een sfeerimpressie mag maar is slechts voorbehouden aan de happy few die de kunst machtig zijn. Ik hou niet van emoschrijverij. Tranen trekken om lezers te vergaren. Verdriet sells. Verdriet is universeel en iedereen slobbert het. Humor is moeilijk en gevaarlijk. Een strak koord spannen en daarover balanceren. Geen concessies doen aan je eigen gevoel voor grappen, dan stap je naast het koord en val je in de diepte.
Logland is een fictief land. Ik hou van fictie. Ik geloof nooit direct wat iemand schrijft omdat ik zelf ook alles aan elkaar verzin. Alleen zo kun je Logland overleven; de stakker die alles gelooft wat hij leest, wordt uiteindelijk genadeloos opgevreten door zijn soortgenoten.
Ik schrijf snel, luchtig, badinerend, cynisch, humoristisch. In het dagelijkse leven heb ik altijd haast, heb ik geen rust in mijn kont en vlieg ik door de dag. In die modus schrijf ik doorgaans ook mijn stukken. Desondanks schenk ik buitensporig veel aandacht aan het woord. Als ik achter de computer kruip, bestaat er nog geen verhaal, er bestaan enkel woorden. Woorden die onverwacht zorgvuldig afgewogen worden om de juiste sfeer te scheppen. Want al lijken mijn logjes een waterval van bruut zinnengeweld, de sfeer die ik voornamelijk door adjectieven oproep, is zeer bewust neergezet.

2. Mijn fijnste plekje op deze wereld
Er zijn een hoop fijne plekjes op deze wereld. Mijn bad bijvoorbeeld. Of mijn bed. Maar om nu een heel stuk over mijn bed te gaan tijpen zou tamelijk ordineur zijn. Fijne plekjes liggen er ook in Midden-Finland. Het niemandsland in de bossen bij Saarijxe4rvi. Met rotsmeertjes, zo diep en zo helder dat je er een mytische achtergrond vermoedt. Maar om nu een heel stuk te gaan tijpen over Midden-Finland zou tamelijk pretentieus zijn. En ik hou niet van pretentieus, maar dat wist u al.
Mijn fijnste plekje op deze wereld ligt dichtbij huis. Achter het klooster in het dorp waar ik vandaan kom, ligt een dichtbebost moerasgebied. Verschillende bronnetjes liggen in de duizeldiepte, daar waar je zo donker in de varens kijkt. Eeuwenoude bomen, volgezogen, donkergroene struiken, zomp en spetterende beverratten. Aan de overkant van het beekje is nog nooit iemand geweest. Daar gaat mijn fantasie van werken. Een moerasgebied waar tot op heden nog nooit een mens een voetstap heeft gezet. Oer en pre. Duizenden jaren geleden zag het er hier ook al zo uit. Op de plek waar ik nu sta, stond eeuwen en eeuwen geleden ook een vrouw. Met een schortje en hertenleren laarzen. Haar ruwgeweven kapje is onder haar kin dichtgespeld met een bronzen fibula. Aan haar hand een kindje met blonde haartjes.
Een plek die fantasie doet opwellen. Dat is mijn fijnste plek op deze wereld.

Zo, lezers: raden maar: wie ben ik?

2 July 2007
By on 12:41
Stijlisch

Opdracht: eigen stijl
Geschreven door: Bl-oxx

Schrijfstijl is iets heel persoonlijks. Iedereen schrijft anders, bouwt zinnen op op een manier zoals hij of zij geleerd heeft, mooi vindt of grappig of zoals past in onze tijdsgeest en cultuur. Schrijfstijl is een soort vingerafdruk of DNA.

De ene schrijver zal niet veel nadenken over de constructie van zijn zinnen, hij schrijft voor het grote geheel van zijn verhaal. Als de inhoud maar overeenkomt met waar hij naartoe wil. Het verhaal is groter dan de zin.
De andere schrijver denkt na over ieder woordje, weegt zorgvuldig af hoe een zin moet klinken, hoe hij overkomt bij de lezer, schrijft en herschrijft, wikt en weegt, denkt en krast, tot hij de perfecte klank en emotie heeft gevonden.

Ik ben benieuwd naar de manier van schrijven, en de achtergrond daarvan, van jullie, mijn waarde collectiefgenoten.
Schrijven jullie bewust in een bepaalde stijl? Waarom? Is deze stijl zoals je in het echt ook bent? Denk je er veel over na? Ben je iemand die veel tijd besteedt aan de juiste klank van een zin of schrijf je voor het grote verhaal? Van welke schrijfstijl hou je in het algemeen; grappig, vlot, met veel sfeerimpressies, traag, moeilijke woorden, dramatisch, of juist kort en bondig?

Daarnaast ben ik benieuwd of lezers de verschillende schrijfstijlen van ons uit elkaar kunnen houden. Voor mijn gevoel schrijven we allemaal behoorlijk verschillend. Maar is dat ook echt zo?
Laten we het testen!

Niet-liefjes, ik heb twee opdrachten voor jullie:

1. Omschrijf je visie op schrijfstijl. Hoe schrijf je en waarom doe je dat zo? Komt je schrijfstijl overeen met je karakter? Van welke stijl hou je en van welke juist niet?

2. Schrijf een stukje van ongeveer 10 tot 15 regels over het onderwerp ‘Mijn fijnste plekje op deze wereld’.

Beide onderwerpen plak je in xe9xe9n logje en je schrijft er niet je naam onder.

En u, lieve lezer, mag gaan raden wie welk logje schreef.
Hoe uitdagend kan loggen zijn.

28 June 2007
By on 11:46
De zondige weg van engel naar duivel is een zoekplaatje

We vullen de avond met de onuitgesproken wIldgegroeide rolverdeling tussen oNs: jij praat, ik luister. Je gehaaste woorden Vergezellen je onrustig op de bank heen en weer schuIven. x93Zit je niet lekker? Wil je een kussen om tegen aan te zitten?x94. Ik draai de muziek de jij wilt horen, ik kook wat jij graag eet en schenk je favoriete wijn. Ik zorg, jij vertelt. Over je promotie en je laatste aankopen. x93Het gaat goeD met mex94, vertel je. Dat is niet waar, denk ik. Mijn stem klInkt oprecht als ik zeg dAt ik je alle voorspoed gun.

Je vertelt dAt je, ondanks de groeiende carrixe8re, op zwart zaad zit. Ik leen je geld, waarVan ik zeker weet dat ik het nooit terug zAl kRijgen. Je geeft me als dank een kus op mIjn wang en noemt me een engel. Dan sta je op. Je benT moe. Je gaat naar huIs. Ik zwAai je uit.

In mijn eentje op de bank trek ik noG een fles open. Wijn wil ik, in grote vlugge hoeveelheden. Ik pak het kUssen van de plek waar je net gezeten hebt en gooi het met voLle kracht tegen de muur. Wat heb ik me aAn je gexebrgerd vanavond. Aan je egoxefstische gedrag. Aan de softe muziek die je wilde luisteren. Ik wil herrIe. Iets dat past bij hoe woest je onnodige financixeble afhankelijkheid me maakt. Ik schReeuw tegen de hArde muziek in. Boos. Op jou. Op mezelf. Waarom zeg ik niet in je gezicht hoe ik over je denk? Omdat het mAkkelijker is om het niet te zeggen. Ik heb geen zin in een sCxe8ne. Waarom eEn moeilijk paD bewandelen als er ook een makkelIjk begaanbAre route is?

Ik sLuit de gordijnen om me uit te kleden. Of nee. Ik laat ze op een kier. Dag buUrman. Ik vervloek je omdat je naar huis bent gegaan. Je denkt toch niet echt dat ik je alleen maar liet langskomen om naar jouw monoloog te luisteren? Vannacht was gemaakt voor veel en vaak. En eXtra. En meer. Niet voor jouw plezier en genot, maar pUur en alleen voor dat van mij. Na afloop, als ik genoeg van je zou hebben gehad, zou ik je op mijn puntige hooRns genomen hebben om je mijn leven uit slingeren. Wanneer je zou proberen op te krabbelen, zou ik met wIegende heupen je leven uit gelopen zijn. Het zwiepen van mijn puntstaArt zou het laatste zijn dat je ooit nog van mij zag.

Polle

26 June 2007
By on 15:20